Laat de fiscus bijdragen aan uw zakelijke investeringen

Vanaf 2025 kunnen eenmanszaken, kleine vennootschappen en beoefenaars van vrije beroepen 10 procent van hun zakelijke investeringen fiscaal aftrekken, in plaats van de huidige 8 procent. Voor digitale of groene investeringen kan deze aftrek zelfs oplopen tot respectievelijk 20 en 40 procent.


De federale regering heeft enkele maanden voor de verkiezingen een akkoord bereikt over de hervorming van de investeringsaftrek. Deze hervorming was al een onderdeel van de grote fiscale hervorming die minister van Financiën Vincent Van Peteghem (CD&V) wilde realiseren. Door een gebrek aan politieke overeenstemming dreigde de hervorming van de investeringsaftrek echter te mislukken. Uiteindelijk is de nieuwe investeringsaftrek toch doorgevoerd, zij het voor investeringen die vanaf 2025 worden gedaan.


Er komt een basisaftrek van 10 procent voor investeringen door eenmanszaken, vrije beroepen en kleine vennootschappen. Digitale investeringen krijgen een aftrek van 20 procent, terwijl groene investeringen zelfs tot 40 procent aftrek krijgen. Grote vennootschappen kunnen profiteren van een fiscale aftrek van 30 procent voor groene investeringen. De bestaande aftrek voor onderzoek en ontwikkeling en voor octrooi-inkomsten blijft grotendeels behouden.


‘Dit is een historisch fiscaal akkoord’, aldus Wouter Verhoeye, fiscaal advocaat bij Argo Law. ‘Om de klimaatdoelstellingen voor 2030 en 2050 te halen, was deze hervorming noodzakelijk. Bedrijven moeten een groot deel van de inspanningen leveren en hebben tijdige rechtszekerheid nodig bij het nemen van investeringsbeslissingen voor duurzame technologieën.’ Grote bedrijven zoals ArcelorMittal, Total, BASF, ExxonMobil en Engie hebben een rechtszeker kader nodig om verder in ons land te investeren.


Ook voor eenmanszaken en kleine vennootschappen is het akkoord van belang, benadrukt Julie Leroy, fiscaal adviseur bij Unizo. ‘Dit biedt een goede stimulans voor ondernemingen of eenmanszaken om te blijven investeren.’ We zetten de details van het akkoord op een rij.


1 - 10 procent basisaftrek


Wat?


Indien men een eenmanszaak heeft, een kleine vennootschap bezit of een vrij beroep uitoefent, kan vanaf 2025 10 procent van de zakelijke investeringen fiscaal worden afgetrokken. Dit betreft bijvoorbeeld investeringen in onroerend goed, machines of vervoermiddelen. 10 procent van het investeringsbedrag kan worden verminderd van de belastbare winst of inkomsten. Sinds 2016 is deze aftrek 8 procent. Tijdens de coronaperiode was er tijdelijk een verhoging tot 25 procent, maar vanaf 2025 bedraagt deze dus 10 procent.


Als onderneming of eenmanszaak kan men nu al een deel van de investeringen afschrijven en als kosten opvoeren. Dit houdt in dat een investering een eerste keer mag worden afgetrokken van de omzet, naar rato van het afschrijvingsbedrag. Daarbovenop kan men dan nog de investeringsaftrek toepassen.


Een belangrijk detail: momenteel mogen eenmanszaken met minder dan 20 werknemers de aftrek nog spreiden over de afschrijvingsperiode van de investeringen, maar dat is niet meer mogelijk vanaf 2025. De aftrek moet dan in één keer worden toegepast.


Voor wie?


Voor kleine vennootschappen die in hun recentste afgesloten boekjaar niet meer dan één van de volgende criteria overschrijden: maximaal 50 werknemers in dienst, een jaaromzet van maximaal 9 miljoen euro exclusief btw en een balanstotaal van maximaal 4,5 miljoen euro.


Voorwaarden?


Het moet gaan om een investering die uitsluitend dient voor de uitoefening van het beroep, en het moet een nieuwe investering zijn. De aankoop van een tweedehandsmachine bijvoorbeeld komt niet in aanmerking voor de aftrek.


Hoe aanvragen?


Er is geen speciale aanvraagprocedure voor de basisaftrek. Indien men een eenmanszaak heeft, moet een ingevuld, gedateerd en ondertekend formulier 276U (beschikbaar op myminfin.be) bij de aangifte in de personenbelasting worden gevoegd of ter beschikking worden gehouden van de administratie.


Heeft men een vennootschap, dan moet het vak 275U in Biztax (de elektronische aangifte voor bedrijven) worden ingevuld bij het indienen van de aangifte in de vennootschapsbelasting.


Hoe past men de investeringsaftrek toe?


Stel, u bent eigenaar van een horecazaak met een jaarlijkse omzet van 500.000 euro, aankopen van 150.000 euro en onkosten van 250.000 euro. U besluit uw onderneming te vernieuwen en investeert daarvoor 100.000 euro. Deze investering schrijft u in tien jaar af, waardoor u jaarlijks 10.000 euro als kosten kunt inbrengen. Dit bedrag mag u van uw omzet aftrekken. De belastbare winst komt daarmee op 90.000 euro (omzet - aankopen - onkosten - afschrijvingen).


Vervolgens kunt u de investeringsaftrek toepassen. Deze aftrek bedraagt 10.000 euro (10 procent van 100.000 euro). Dit bedrag mag u van uw belastbare winst aftrekken. De belastbare winst komt daarmee op 80.000 euro. U betaalt dan 16.000 euro aan belastingen, aangezien de belastbare winst minder dan 100.000 euro bedraagt, waardoor u, onder bepaalde voorwaarden, slechts 20 procent vennootschapsbelasting betaalt. Dankzij de investeringsaftrek bespaart u 2.000 euro op uw belasting (20 procent van 10.000 euro).

2 - 20 procent aftrek voor digitale investeringen


Uw eenmanszaak of kleine vennootschap kan 20 procent investeringsaftrek verkrijgen voor digitale investeringen. Het betreft software en apparatuur voor digitale betalings- en facturatiesystemen, digitale boekhoudsystemen, digitale CRM-systemen, digitale e-commercesystemen en digitale systemen voor de beveiliging van informatie- en communicatietechnologie.


‘Vanaf 2026 is digitale facturatie verplicht', aldus Leroy. 'Veel zelfstandigen zullen dus moeten investeren in geschikte software. Het is voordelig dat zij 20 procent investeringsaftrek kunnen verkrijgen.’


3 - 40 procent aftrek voor groene investeringen


Met een eenmanszaak of kleine vennootschap kan men tot 40% fiscale aftrek verkrijgen voor groene investeringen. Vier categorieën komen hiervoor in aanmerking. Investeringen in energie-efficiëntie en hernieuwbare energie, zoals zonnepanelen. Investeringen in emissievrije voertuigen, zoals elektrische bestel- en vrachtwagens. Andere milieuvriendelijke investeringen, zoals systemen die waterverbruik, afval, uitstoot verminderen of de duurzaamheid van de productiecyclus verhogen, en rookafzuigsystemen in de horeca. En ten slotte groene digitale investeringen, zoals software voor energiebewaking. ‘Dit kan aantrekkelijk zijn voor kmo’s die willen investeren in zonnepanelen of infrastructuur voor verbeterd waterbeheer’, aldus Leroy.


De exacte investeringen die in aanmerking komen voor de 40% investeringsaftrek moeten nog worden vastgesteld, na overleg tussen de federale overheid en de gewesten. Het is de bedoeling om regelmatig de lijsten van in aanmerking komende technologieën bij te werken.


Het is al duidelijk dat bepaalde investeringen uitgesloten zijn. ‘Een investering in een gasketel bijvoorbeeld is niet langer verantwoord, aangezien elektrische verwarming of warmtepompen ook mogelijk zijn’, staat in de wetteksten. Maar niet voor alle investeringen zijn er al voldoende betaalbare groene alternatieven, en dus kan de investeringsaftrek daarvoor nog gebruikt worden. ‘Voor vrachtwagens op fossiele brandstof waarvoor momenteel al koolstofemissievrije alternatieven beschikbaar zijn, maar tegen niet-concurrerende prijzen, is het nog mogelijk.’


Hoe aanvragen?


Om de verhoogde investeringsaftrek te verkrijgen, is een attest nodig waarin de conformiteit van de technologie van de investering wordt beoordeeld. ‘Als er onredelijke schade aan het leefmilieu is, wordt geen attest voor verhoogde investeringsaftrek verstrekt’, staat in het wetsontwerp. Welke instanties het attest zullen verstrekken, moet nog worden bepaald.

‘Zonder dat certificaat kan men de investeringsaftrek niet aanvragen’, aldus Verhoeye. Het is noodzakelijk dat het certificaat tijdig wordt aangevraagd en bij de belastingaangifte wordt gevoegd. De federale overheidsdienst Financiën heeft de bevoegdheid om een definitieve beoordeling uit te voeren en te controleren of het certificaat gerechtvaardigd is.


4 - Technologieaftrek


De bestaande aftrek voor investeringen in onderzoek en ontwikkeling en in octrooien wordt hernoemd naar technologieaftrek. Degenen die investeren in octrooien of in onderzoek en ontwikkeling van nieuwe producten en toekomstgerichte technologieën kunnen profiteren van een belastingkrediet. Het verschil met het verleden is dat er nu vaste percentages zijn, die niet langer afhankelijk zijn van de inflatie.

Een tarief van 13,5 procent is van toepassing op de eenmalige investeringsaftrek voor octrooien en milieuvriendelijke investeringen voor onderzoek en ontwikkeling. Bij de toepassing van de gespreide investeringsaftrek voor milieuvriendelijke investeringen voor onderzoek en ontwikkeling is het tarief 20,5 procent. Deze aftrek wordt vaak door grotere ondernemingen benut.


Hoe aanvragen?


Voor investeringen in onderzoek en ontwikkeling moet een certificaat worden aangevraagd. Dit moet bij de belastingaangifte worden gevoegd.


Bron: De Tijd ~ Pieter Blomme

door TaxCalCul 17 maart 2025
Als je van de brutowinst de operationele kosten (bijvoorbeeld personeelskosten of verkoopkosten) aftrekt en de eventuele operationele opbrengsten (bijvoorbeeld licentie-inkomsten voor farmaceutische bedrijven) optelt, dan bekom je de ebitda. Let er wel op dat er met afschrijvingen in dit stadium nog geen rekening gehouden wordt. De ebitda wordt vaak letterlijk vertaald door “inkomsten voor interest, ... Lees meer
door TaxCalCul 3 maart 2025
Bij TaxCalCul geloven we in de kracht van expertise en persoonlijke ontwikkeling. Al meer dan 40 jaar zijn we een toonaangevend boekhoudkantoor dat zich onderscheidt door kwaliteit, service en klantgerichtheid. We zijn voortdurend op zoek naar getalenteerde professionals die ons team willen versterken.
door TaxCalCul 23 februari 2025
Als ervaren boekhoudkantoor met meer dan 40 jaar expertise volgen wij bij TaxCalCul de fiscale actualiteit op de voet. Het recent gevormde Arizona-regeerakkoord brengt enkele ingrijpende fiscale hervormingen met zich mee die belangrijk zijn voor onze klanten. In deze blogpost analyseren we de belangrijkste wijzigingen en wat deze voor u als ondernemer betekenen. 1. Verhoogde minimumbezoldiging bedrijfsleiders Een belangrijke wijziging voor vennootschappen betreft de minimumbezoldiging voor bedrijfsleiders. Het bestaande minimumloon van €45.000 wordt opgetrokken naar €50.000 en zal voortaan worden geïndexeerd. Dit minimum is vereist om te kunnen genieten van het verlaagd tarief van 20% vennootschapsbelasting op de eerste €100.000 winst. Daarnaast komt er een nieuwe beperking: de bedrijfsleidersbezoldiging mag in de toekomst voor maximaal 20% bestaan uit voordelen alle aard. Dit heeft vooral impact op vennootschappen die een woning ter beschikking stellen aan hun bedrijfsleider. 2. Harmonisatie VVPRbis en liquidatiereserve Goed nieuws voor KMO's: het VVPRbis-stelsel en de liquidatiereserve worden geharmoniseerd. De wachttermijn voor de liquidatiereserve wordt verlaagd van 5 naar 3 jaar. Het tarief stijgt wel licht van 5% naar 6,5% roerende voorheffing vanaf 1 januari 2026 voor nieuw aangelegde liquidatiereserves. Het effectieve tarief komt daarmee op 15%, gelijk aan het VVPRbis-tarief. 3. Nieuwe ondernemersaftrek voor zelfstandigen Voor zelfstandigen wordt een speciale ondernemersaftrek ingevoerd. Deze laat toe om een eerste schijf van de winsten en baten (na aftrek van kosten en verrekening van verliezen) af te trekken. Het precieze bedrag moet nog worden bepaald maar zal in 2029 worden verhoogd. 4. Vereenvoudiging investeringsaftrek De investeringsaftrek wordt flexibeler gemaakt en wordt voortaan onbeperkt overdraagbaar, zonder beperkingen. Dit biedt meer mogelijkheden voor ondernemingen om hun investeringen fiscaal te optimaliseren. 5. Wijzigingen voor O&O-investeringen Voor bedrijven actief in onderzoek en ontwikkeling wordt de gewestelijke attestvereiste voor O&O-investeringen geschrapt. Er komt ook een mogelijkheid om erkend te worden als onderzoekscentrum, wat meer rechtszekerheid biedt over het fiscale kader op lange termijn. 6. Verkorting fiscale onderzoekstermijnen De fiscale procedures worden vereenvoudigd met kortere onderzoeks- en aanslagtermijnen: Standaard 3 jaar (was 6 jaar) 4 jaar voor complexe aangiftes (was 10 jaar) 7 jaar bij vermoedens van fraude (was 10 jaar) 7. Btw-aanpassingen Enkele belangrijke btw-wijzigingen: Herinvoering 6% btw-tarief voor afbraak en heropbouw van woningen Tijdelijk 6% btw op warmtepompen (5 jaar) Verhoging naar 21% btw voor fossiele verwarmingsinstallaties Vanaf 2028: 'real time reporting' voor B2B-transacties 8. Solidariteitsbijdrage op meerwaarden Er komt een nieuwe heffing van 10% op toekomstige meerwaarden van financiële activa. Voor kleine beleggers geldt een vrijstelling tot €10.000. Voor deelnemingen van minstens 20% is er een vrijstelling tot €1 miljoen. Daarboven gelden getrapte tarieven van 1,25% tot 10%. 9. Aanpassingen DBI-aftrek De DBI-aftrek wordt omgevormd naar een vrijstelling. De participatievoorwaarde van 10% blijft behouden, maar de drempel stijgt van €2,5 miljoen naar €4 miljoen voor grote ondernemingen. Conclusie Deze fiscale hervormingen brengen belangrijke wijzigingen met zich mee voor ondernemers en zelfstandigen. Als ervaren boekhoudkantoor staan wij klaar om u te begeleiden bij de implementatie van deze nieuwe maatregelen. Aarzel niet om contact op te nemen met uw dossierbeheerder bij TaxCalCul voor persoonlijk advies over de impact op uw specifieke situatie. Bron: Tiberghien Advocaten ( www.tiberghien.com ) Disclaimer: Dit artikel werd met zorg samengesteld op basis van de beschikbare informatie. Aangezien de definitieve wetteksten nog niet beschikbaar zijn, kunnen er nog wijzigingen optreden. Raadpleeg steeds uw adviseur voor specifiek advies.
Laad meer berichten